|
Leven in de brouwerij Het leven in de brouwerij Dat werd je niet snel zat De brouwer was tevreden Met de inhoud van het vat Maar toen kwam daar een nieuwe dag En zijn verbazing steeg De brouwer wist niet wat hij zag: Het vat was half leeg! En hoe hij zocht en waar hij keek de dief liet zich niet zien De oude knecht:die hield van bier was hij het dan misschien? De brouwer keek de knecht streng aan en gaf hem toen een veeg ‘Man wat heb je nou gedaan, Het vat is half leeg’. (het vat is half leeg) De arme knecht ontkende schuld,‘ik heb het niet gedaan’. De nacht erna is men er weer met bier vandoor gegaan De brouwer zat in zak en as hij keek toe en hij zweeg, Dit kon toch echt niet waar zijn: Het vat was half leeg! (het vat was half leeg) De drost die werd er bij gehaald er kwam een hinderlaag En of de dief zou komen nou dat was de grote vraag De brouwer werd des duivels toen hij in de gaten kreeg, Wat er die nacht gebeurd was, Het vat was half leeg! (het vat was half leeg) De oude knecht besloot toen om maar zelf op wacht te staan En bij het volle maanlicht zag hij een gedaante staan een wief dronk van het gerstenat de knecht riep ‘Helleveeg’ Je bent op heterdaad betrapt Want het vat was half leeg (het vat was half leeg)
En zo kwam er een einde aan de onrust in de stad Al kon men niet geloven dat een wief gestolen had. De knecht werd uitgelachen,men had buikschuddende lol... Maar één ding was wel zeker: het vat bleef voortaan vol!!
|